Mensen van Mensink #29: Dylano

Dylano: ‘De bouw is anders dan voetballen bij PEC, al ben ik nog steeds veel buiten’

De mensen van Mensink: wie zijn ze, waar zijn ze goed in en waarom doen ze wat ze doen? Vandaag: Dylano (16), die jarenlang in de jeugdopleiding van PEC voetbalde en nu leerling timmerman is.

‘Kleine Gijs’ noemen ze hem bij Mensink. Of ‘mini Gijs’. Omdat hij via de andere Gijs, ook een Heetenaar, bij Mensink terechtkwam. De vader van Dylano had de grote Gijs aangesproken op een feest. Hij zei: mijn zoon wil de bouw in. En toen had Gijs gezegd: dan kunnen wij hem misschien wel gebruiken. Dylano: ‘Ik had nog niet gesolliciteerd of ik had al een bijnaam.’

Na het vmbo schreef hij zich in bij Bouwmensen. Dat klinkt als een normale stap voor jongeren met bouwambities, maar voor Dylano zat het anders. Want hij voetbalde jarenlang in de jeugdopleiding van PEC Zwolle. Voor en na school. Op zijn zesde werd hij gescout. Bij PEC werd hij winger op rechts, type Dumfries. Tot hij vorig seizoen voelde: het is klaar. ‘Ik had er geen plezier meer in, was vaak geblesseerd. En ik had geen goede klik met de trainer.’

Het alternatief voor PEC: de bouw

Hij koos er zelf voor om te stoppen. ‘Zo kon ik tenminste gewoon aan mijn opleiding beginnen zonder tijd te verliezen.’ Op zijn avontuur bij PEC kijkt hij positief terug. Hij leerde er veel, vooral zelfstandig worden. ‘Vanaf de middelbare school fietste ik iedere ochtend naar het station in Raalte, dan met de trein naar station Zwolle en dan nog met de bus naar PEC. Ruim een uur heen, ruim een uur terug.’

‘Ruim een uur heen, ruim een uur terug’

De bouw was voor hem het logische alternatief voor PEC. In vakanties ging hij weleens mee met een timmerman uit Heeten. Kleine projecten, schuurtjes, iedere dag wat anders. ‘Dat vond ik heel leuk.’ Zijn drie jaar oudere broer timmert ook. ‘Aan de eettafel praten we niet echt over werk. Al liet hij weleens dingen zien die hij had gemaakt.’

Drie keer fout en dan nog drie keer

Dylano appte Gijs, kreeg het nummer van Aron, en mocht op gesprek komen bij Mensink. Na zijn vmbo-examens vorig jaar liep hij een paar weken mee. Toen hij na de zomer bij Bouwmensen begon, kon hij beginnen. Vier dagen per week. ‘Het is heel anders dan bij PEC, al ben ik nog steeds veel buiten. Een hele dag op kantoor is niets voor mij. Laat mij maar met mijn handen werken, dingen maken.’

Inmiddels heeft hij er bijna een jaar opzitten. ‘Ik heb niet stilgezeten en bijna elke dag wat anders gedaan. Niet alles is nieuw meer.’ Zijn leermeester is Bram. ‘Hij legt uit en laat zien wat we gaan doen. Dan ga ik aan de slag. Als het drie keer fout gaat, probeer ik het nog drie keer. Zo leer je het meest.’ Voor doelen is het nog te vroeg, Dylano wil vooral het vak zo snel mogelijk in de vingers krijgen.

Broer/teamgenoot bij Vosman

Voetballen doet Dylano ook nog steeds, nu bij Heeten. In het eerste. Met zijn zestien jaar is hij de jongste van het team. Hij speelt linksbuiten, vaak tegen bonkige verdedigers. ‘Goals maken en assists geven vind ik leuker dan ballen afpakken. Maar fysiek is het soms best wel lastig. De meeste tegenstanders zijn 25 en drie koppen groter. Voor de rest gaat het redelijk goed. Door mijn tijd bij PEC weet ik hoe ik tactisch uit de duels kan blijven. Een schouderduw ga ik toch niet winnen.’

‘Hij is de reden dat ik daar in ieder geval niet heen wilde’

Ambitie om hogerop te gaan in het amateurvoetbal heeft hij niet. ‘Ik vind het wel mooi zo. Mijn broer speelt ook in het eerste van Heeten. Hij is spits. Hij werkt bij Vosman trouwens, had ik dat al gezegd.’ Vosman? Dylano lacht. ‘Haha, ja. Hij is de reden dat ik daar in ieder geval niet heen wilde. Dan word je het broertje van.’ Nu is hij ‘Kleine Gijs’. ‘Oja, dat is ook zo. Maar dat maakt me niet uit, ik ben eraan gewend. En ik word liever naar iemand uit Heeten vernoemd dan naar iemand uit Herxen.’